L' Arlésienne (het toneelstuk)

De geschiedenis van "L' Arlésienne" is in feite een liefdesgeschiedenis zoals zovele, ware ze niet meesterlijk beschreven en gedoopt in een sfeer, zo intens, als om te snijden.  Frédéric, de zoon van de weduwe Mamaï, wordt verliefd op een meisje uit Arles.  Op zichzelf is dat al een probleem, want zowel Francet, de grootvader, als Balthazar, de oude herder, zien de relatie van een plattelandsjongen met een Alrésienne niet met een goed oog.  Er zijn goede, mooie en brave meisjes genoeg in de omgeving van de Hoeve De Castelet.  Frédéric zou beter een keuze maken tussen de meisjes van de streek.  En dan is er Vivette, die stapelverliefd op hem is.  Maar Frédéric wil zijn Arlésienne.  De broer van Rose Mamaï wordt op verkenning gestuurd en brengt goed nieuws.  De Arlésienne stamt af van een familie met een onberispelijke reputatie.  De verloving wordt voorbereid, tot een Guardian roet in het eten komt gooien.  Hij is de minnaar geweest van de Arlésienne en ondanks alles kan hij niet loskomen van haar.  Hij wil en hij zal haar krijgen.  De tradities van de Castelet spelen in zijn voordeel.  De eer van de familie is daar immers geen loos begrip.  De passies laaien hoog op en een moment ziet het ernaar uit dat de moederliefde de bovenhand zal halen.  De Arlésienne, ofte het titelpersonage dat amper in het stuk voorkomt (amper, althans in de versie van Luc Collin, want op de première in 1872 ervaren de toeschouwers het als een frustratie dat de verwachtte heldin zich nooit vertoont), heeft echter haar laatste pijlen nog niet verschoten.  Luc stelt haar voor als een schaduw, een droom.  Alles draait om haar, er wordt voor haar geleden en gestorven, maar ze blijft een begrip.  Ze is nooit aanwezig als vrouw van vlees en bloed.  Ze blijft een abstract figuur zonder echte identiteit.  Haar naam verwijst trouwens naar een aardrijkskundig gegeven : de stad Arles.  Eigenaardig !  Want niets in de bronnen waaruit Daudet stof putte voor zijn novelle verwijst naar Arles. 

De schrijver nam een authentieke gebeurtenis als uitgangspunt voor zijn werk, met name de zelfmoord van de neef van dichter Mistral.  De jongeman sloeg de hand aan zichzelf na het op de klippen lopen van zijn verloving met juffrouw Philipinne Vaufoppé uit... Béziers!??  Waarom dan die titelkeuze ?  Literaire redenen hebben alvast een rol gespeeld.  Eerst en vooral de poëzie van Mistral en Aubanel die de schoonheid en de charme van de meisjes uit Arles bezong.  "Les Lettres de mon Moulin" situeert zich in de molen van Fontvieille in de buurt van Arles.  Daudet beseft dat een gegeven als "L' Arlésienne" moet ingekleed worden in een aanvaardbaar kader.  Zijn Parijse publiek zou nooit een zelfmoord uit liefde begrijpen.  Een dodelijke passionele liefde en de eer van de familie hebben een strikt provençaals landbouwersmilieu nodig en een vleugje Mistral dat een tikkeltje waanzinnig smaakt.  Van Gogh ervoer de sfeer, vandaar onze link met deze schilder in decor en kleding.