Emiel Leopold Hullebroeck werd geboren te Gentbrugge op 20 februari 1878.  Hij studeerde muziek (notenleer, orgel, harmonie, contrapunt en fuga) aan het Koninklijk Conservatorium te Gent.  Om na zijn studies aan de kost te komen gaf hij privé lessen en dirigeerde hij koren en muziekkorpsen.
In 1899 stichtte hij het Gentse A Cappellakoor, met als doel het repertorium van de koorverenigingen op een hoger peil te brengen. Ze oogstten succes in binnen- en buitenland, ook met composities van eigen bodem.  Hullebroecks interesse ging vooral uit naar Nederlandse polyfonische gezangen uit de 16e eeuw, hoofdzakelijk van
Palestrina.  De mooiste overwinning met het koor behaalde hij op een internationale koorwedstrijd in Parijs in 1912. Daar kaapten ze alle prijzen weg, inbegrepen de prijs van de president van de Franse Republiek.
De grote liefde voor het volkslied vond hij in Bretagne, vooral onder invloed van
Bourgault - Ducoudray, een Franse musicoloog en professor aan het conservatorium te Parijs.  Hij ontmoette Bourgault in 1905 in Brest waar hij met het Gentse A Capellakoor deelnam aan een wedstrijd. Zij bleven vrienden voor het leven.
Omdat hij eerst geen uitgever vond voor zijn gecomponeerde liederen, gaf hij ze zelf uit.
Hullebroeck was tevens gegeerd voor het geven van muziekvoordrachten. Meer dan 30 jaar lang voerde hij een kruistocht voor het 'goede Vlaamse lied'. Samen met schilder-dichter Herman Broeckaert bracht hij het Vlaamse Lied onder de kerktorens.  Hij deed dit ook in Nederland en in alle grote Europese steden waar afdelingen bestonden van het ANV (sinds 1895 de internationale vereniging voor de Nederlandse taal en cultuur).
De stad Leuven speelde een grote rol in zijn leven. In de heroïsche tijd van de Vlaamse Volksliedbeweging, de periode 1904 - 1914, kreeg hij de steun van de Leuvense studenten in zijn acties om het volkslied te promoten. Het was de tijd dat Jef van den Eynde alle Vlaamse componisten naar Leuven haalde en er hun werken door de beste zangers liet vertolken.
Werchter was toen reeds 'in' voor 'folk'.  Voor een weddenschap met de Leuvense studenten liet Emiel Hullebroeck er de massa na de hoogmis op het kerkplein drie van zijn liederen zingen: 'Moederken alleen' , 'Hij die geen liedje zingen kan' en 'Kermislied'.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog verbleef het echtpaar Hullebroeck in Holland. Zijn vrouw, Marleen Hullebroeck, stichtte er het 'Werk der Vlaamse Oorlogsmeters', dat meer dan 8000 Vlaamse soldaten steunde vanuit Holland. Voor haar componeerde hij het bekende lied 'Zoals Marleentje, zo is er maar ééntje !' Emiel zong er in hospitalen en in internerings- en soldatenkampen ten bate van de vluchtelingen. Hij leerde er de gemobiliseerde Hollanders zingen van 'Het beste biertje lust hij niet'.
Tijdens een reis door Nederlands Indië (1915 - 1916), die in het teken stond van het volkslied, gaf hij 110 muziekavonden, zong er zelf 2500 liederen en bestudeerde er de Indische muziek.
Verdere reizen voerden hem naar Zuid Afrika en Noord-Amerika.

In 1902 werd Hullebroeck benoemd tot muziekleraar aan de staatsnormaalschool te Gent.  Getuigenis van zijn drang naar een degelijke methodiek voor het zangonderwijs is 'De notenleer door het lied', waarin het volkslied als grondslag dient voor het muziekonderwijs. Om dit onderwijs in de Vlaamse muziekscholen tot meer eenheid te brengen schreef hij zijn “Oefenboek ten dienste van het muziekonderwijs”.   In 1922 verscheen het eerste nummer van het door hem gestichte tijdschrift 'Muziekwarande'.  In hetzelfde jaar stichtte Hullebroeck de Nationale Vereniging voor Auteursrecht (NAVEA).  De benaming werd na de tweede wereldoorlog veranderd in SABAM.  In 1930 werd hij tot algemeen inspecteur van het muziekonderwijs benoemd, als opvolger van P. Gilson.

Hullebroeck componeerde talrijke volks- en kunstliederen (wie kent er zijn "Tinneke van Heule" niet?), koren , cantates en een tiental Vlaamse zangspelen, waaaronder “Cupido dictator”, “Sepp'l”, “Knokkelbeen” en “Het meisje van Zaventem”. Naast vele artikels in 'Muziekwarande' en de autobiografie 'Zang en Strijd' schreef hij twee bundels reisindrukken waaronder "Insulinde" over Oost-Indië.
Emiel Hullebroeck overleed te Liedekerke op 26 maart 1965.

Bibliografie:

P.Hullebroeck en zijn betekenis (P. Nuten)
Zang en Strijd (E. Hullebroeck)
Ten Huize van ... (Joos Florquin)